Ivo de Jong (1956) is vrijzinnig voorganger in Rotterdam, Schiedam, Woubrugge en Brielle. Tweeënveertig jaar na zijn studie in Bossey gaat hij naar Karlsruhe voor de 11e Algemene vergadering van de Wereldraad van Kerken. Namens zijn 2000 leden tellend clubje (of toch kerkje? Was NPB) maakt hij deel uit van de Raad van Kerken in Nederland. Werd de Wereldraad in 1948 in Amsterdam opgericht: nu, drie generaties later, keren de kerken samen voor 10 dagen terug naar Europa. We kunnen zo’n boost wel gebruiken! Want lijken de blanke kerkbanken steeds leger, elders op de aarde lopen de kerken weer vol. Die inspiratie wil Ivo graag meemaken en meedelen. Vierduizend deelnemers zijn ingeschreven; 30 van hen komen uit Nederland. Komende dinsdag 30 augustus, eis en stakingen dienende, vertrekken we; vrijdag 9 september keren we terug. Lees hier zijn voorwoord 

Tussen opening en slot probeert Ivo iedere dag te schrijven. 

 

7 september dagacht: Karlsruhe en corona.

 

Er zijn 22 Russen onder ons; je hoort ze niet, en ziet ze amper.
Zaterdag naar Bazel zat ik naast Bohdan uit Ukraine. Bohdan is is 25, studeerde in 2019 op Bossey. Heeft zijn orthodoxe studies afgerond en bestudeert tegenwoordig het protestantisme in Heidelberg. En toen vielen de Russen zijn land binnen.
Er zijn zes Oekraïners afgevaardigd. Dat is voor het eerst. Het zijn ambassadeurs voor de goede zaak. Als de oorlog zo dichtbij, zelfs naast je komt zitten, word je uit de comfortzone gerukt. Ik hoorde de wanhoop in zijn stem. Die klinkt na.


Bohdan bleef trouw aan de groep, ik spijbelde. Op naar Mondriaan in het Beyeler museum! Nu ik hier toch was beschouwde k dat als ik een buitenkans. Die middag miste ik de trein en de groep terug. En zag ik de poster van El Greco’s invloed op Goya. Hoera, zondag extra!
Op mijn feestboek plaatse ik wel dertig foto’s van het Kunstmuseum van Bazel; blij met alle moois.

   
Op de weg terug herinnerde ik me een ruzie die Picasso en Matisse hadden. Matisse had gezegd dat kunst een leunstoel is, waarin arbeiders na een dag werken mochten genieten van schoonheid. Picasso (die van Guernica) reageerde woedend: “Kunst moet verontrusten, veranderen, bewust maken! Kunst is een wapen tegen zelfgenoegzaamheid!”
Maandag was ik weer bij de viering en weer greep me die bij mijn keel.
Mensen van de eilanden in de Pacific leidden het kyrië-gebed:

“God schepper van ons, de wereld om ons heen
Kreunt onder onze hebzucht
Huilt vanwege onze verkwisting

We hebben onze aarde in brand gestoken
Verbranden haar eindige reserves
Warmen onze wereld op, meer dan ze aankan

We rouwen om het smelten van de gletsjers
Het stijgen van de zeespiegel
Het verdwijnen van eilanden

We beklagen ons over de bossen die verdwijnen
Oorspronkelijke bewoners die van hun land verdreven worden
Het verlies van biodiversiteit.

Hittegolven, overstromingen, stormen
Medemensen die de dood vinden in vloed en vuur

De tuin die de wereld is
De pracht van leven sterft onder onze handen

Verbonden eens gesloten verklaren we nul en nietig
Gods tuin wordt ontwijd en verstoord.”

Na elk paar regels zongen we

 

“Wat een fantastische band”, hoor ik mezelf de eerste coupletten nog denken terwijl ik foto’s schiet. Maar dan ineens besef ik dat het over mij en over ons gaat. Over de Pacific, de Filippijnen, Brazilië en Bangladesh. Ik kijk naar de wereld om me heen.
Het Gloria wordt gezongen door een Ethiopisch priester. Ik heb ze allemaal ontmoet; wat doe ik er mee?

Ik kan de hele maandagse viering wel opschrijven. Misschien staan ze allemaal nog op de site. Die van deze dag staat op https://youtu.be/8Y_WoC89Pq8
Voorbj de saaie man van het begin kom je op minuut 9 bij een Maori-priester en een fluitist…: dan snap je waarom ik die van mij in de koffer gehouden heb.

Ga kijken en beleef het mee! Het gebed boven begint bij minuut 20. Er is geen preek. Maar alles is zoals je zou willen dat een kerkdienst kan zijn, met mensen die je maar een keer in je leven ontmoet. De hemel die de aarde raakt. 
Bijna alle vieringen kun je vinden als je op youtube intikt: "wcc assemblee morning prayer".
Wat mij meer ontroert dan ik tevoren begreep, is de nabijheid van de hele oecumene, de pijn van de hele wereld. Fantastisch om de mensen van heinde en verre te zien samenstromen naar de (hemel)poort.
Dat is de geweldige eerste indruk.
Dan: Onze grenzen, oogkleppen, onze vlucht, onze afleiding (mijn iphone, de kunst). Het spant er om.
Die avond ga ik naar een gebedsdienst voor de Korea’s. Ik begrijp de helft. In de vertalingen lees ik een hartverscheurend gebed om eenheid. Ik zie de jongens en meiden in de ogen. Ik ben erbij.

Ik hou me al te graag voor de gek.
Deze assemblee heeft me weer mijn hart en ogen geopend. Ik ben geradicaliseerd: dichter bij de wortels gekomen. Ik lees over Zandvoort, over Heerenveen mijn kleine cluppie, ik geniet van de schone kunsten. Man van ze zeven (nou ja, zes) vinkjes. Ik wil met deze mensen verbonden blijven.
Alle vijftig Nederlanders hebben hetzelfde probleem: hoe onze hier verkregen inspiratie en verbondenheid terug te koppelen naar het thuisfront, dat vast even tam is als ik was? 

(geschreven tussen de corona-slaapjes door met een gevoel van urgentie)