Sandra had een opa, Opa Dirk Ottens uit Westenes – Emmen; de vader van haar moeder.

Opa Dirk was een heel speciale man, met wie ze een hechte band van humor had.

In zijn nalatenschap trof ze een zwaar koekblik aan. Het zal vol met centen: 1800 waren het.

Er zat een briefje bij met de teldatum.

Niemand weet meer waarom opa zo op zijn centen zat.

De schatkist ging naar Sandra.

Nu moest ik een half jaar geleden een dienst doen in Middelburg, en het thema was “geef je keizer wat van de keizer, en God wat van God is”. Prachtig verhaal. Nou en daar paste toch mooi zo’n cent bij, nietwaar? De 1 van: er is maar een God, en Juliana op de andere. God geven wat van God is, en aan de belastingdienst wat van de Koning is.

We hebben toen een deel van de centen in de cola gelegd; daarna in wasmiddel, laten drogen. De cnten kregen hun kleur terug en er zit geen corona aan. Iedere Middelburger kreeg een cent mee!

U hebt geluk: jullie krijgen er twee.  

 

Want ik zou eerst de oude preek pakken, maar nee, dat lukte me niet, het moest een actuele worden. Plus twee van mijn lievelingsbijbelverhalen. En een liedje; ik had het twintig jaar geleden gemaakt voor een dienst voor jong & oud in Arnhem.

Warempel; ik vond het terug. Ik moest het wel van WP naar Word converteren.

En veranderen.

Nu dus. Kent u dat liedje “De koning van Siam”?

Opa Dirk zou het vast leuk vinden; die twee centen in een kerkdienst. Want in het verhaal van de penningskes van de weduwe ook twee romeinse centen: u ziet ze links ven de moderne, zo moeten ze er hebben uitgezien.

Geen collecte vandaag, dus neemt U Dirk zijn centen met een gerust hart mee naar huis!

En al mogen we hier helaas nog niet meezingen;

Als u het liedje thuis zingen wil, doe uw best (onder de douche werkt het ook goed). 

 

Een cent voor je gedachten (“De koning van Siam)

  1. Goedemorgen hier in de NPB

Of je piepjong bent of oud bent: hier zit je OKEE

  1. Misschien ben je arm of misschien ben je rijk

Dat geeft niks voor God zijn we allen gelijk

  1. Het gaat over woorden van waarde vandaag

Om geld en geluk en wat wil je echt graag

  1. Wie geeft met zijn hart en wie is te verwend

Wie kijkt nog naar armen; wie geeft ze geen cent?  

Lezen uit Daniel 5: Het feestmaal van Belsassar

Op zekere dag richtte koning Belsassar voor zijn duizend machthebbers een groot feestmaal aan, en in gezelschap van deze machthebbers dronk hij wijn.

Beneveld door de wijn gaf Belsassar opdracht de gouden en zilveren bekers tevoorschijn te halen die zijn vader Nebukadnessar uit de tempel van Jeruzalem had meegenomen, opdat de koning en zijn machthebbers, zijn hoofdvrouwen en bijvrouwen daaruit konden drinken. Men haalde de gouden bekers die uit de tempel van Jeruzalem, het huis van God, waren meegenomen en de koning en zijn machthebbers, zijn hoofdvrouwen en bijvrouwen dronken eruit. Ze dronken wijn en prezen hun goden van goud en zilver, van brons, ijzer, hout en steen.

Terwijl ze dat deden verschenen er vingers van een mensenhand die iets op het pleisterwerk van de wand van het koninklijk paleis schreven, precies tegenover de luchter, zodat de schrijvende hand goed zichtbaar was voor de koning. De koning trok bleek weg, in verwarring gebracht door zijn gedachten. (etc) 

  1. De koning van Iran die gaf eens een feest

Zo’n feest is er daarna ook nooit meer geweest 

  1. De rijken die kwamen en hadden het warm

Het was ook natuurlijk geen feestje voor arm  

  1. De koning die vrat en die zoop aan een stuk

Hij dronk zich een oordeel en een ongeluk. 

  1. Toen hij wilde drinken uit wat was geroofd:

Gedonder in glazen en pijn in het hoofd! 

  1. ✍ Verschijnt er ineens een geweldige hand

Die schrijft voor zijn ogen een teken aan de wand!

  1. Toen niemand kon lezen toen schreeuwden ze luid

Tot Daniël kwam, want die legde het uit:  

  1. “De Perzische koning: gewogen is hij

En hij is te licht voor de wereld van Mij!”  

  1. Wat is na dit alles de wijze moraal:

Als jij eens wilt feesten, denk aan allemaal!  

 

  1. Een minister vergeet zijn opdracht te licht

Maar dat is hij echt aan zijn mensen verplicht!  

  1. Wie rijk is: wat scheelt het, dat geeft niet zo zeer;

Wie niets heeft en toch deelt: die schenkt heel wat meer!  

 

Verhaal van Lukas, hoofdstuk 20 - 21

Terwijl de menigte luisterde, zei hij tegen zijn leerlingen: ‘Pas op voor de schriftgeleerden die zo graag in dure gewaden rondlopen, en op het marktplein eerbiedig begroet willen worden, en een ereplaats verlangen in de synagogen en bij feestmaaltijden: ze verslinden de huizen van de weduwen en zeggen voor de schijn lange gebeden op. Over hen zal strenger worden geoordeeld dan over anderen!’

Toen hij opkeek, zag hij hoe rijken hun giften in de offerkist kwamen werpen. Hij zag ook dat een arme weduwe er twee muntjes in gooide, en hij zei: ‘Ik verzeker jullie: deze arme weduwe heeft meer gegeven dan alle anderen. Want de anderen hebben iets van hun overvloed geofferd, maar zij heeft van haar armoede alles gegeven wat ze nodig had voor haar levensonderhoud.’

 

  1. Er was eens een bak voor het schenken van geld

Zo staat het vandaag in de Bijbel vermeld:

  1. Wie geeft in de schaduw, wie geeft voor de schijn

De rijkdom van geven: 2 cent mag er zijn

  1. De vorsten die storten dat ieder dat ziet

De vrouw achteraan nee, die durfde dat niet

  1. Toch zag iemand dat, met lef in zijn

Zag haar centen zitten, en had haar heel hoog! 

 

Preek: Anders leren zien 

Preekwoorden

..en toch weer een drukfout; een oog vergeten. Terwijl het thema zou zijn: anders leren zien.. Rembrandt schilderde "Belsazars feest" in 1635. Het hangt in de Londense National Gallery.

Rembrandt was dertig, en schilderde het verhaal in wat nu het Renbrandthuis heet, op de hoek dus van de Jodenbreestraat. Hij had vaak Joodse modellen en er zijn zelfs geruchten dat Baruch de Spinoza, grote Nederlander nummer 2, vijftien jaar later tekenles bij hem heeft gehad.

Rembrandt kende de joodse uitleg van dit verhaal en die gaat ver. Want! Het is maar net hoe je het leest.. Van links naar rechts, of van onder naar boven?

De Perzen hadden natuurlijk ook hun vertalers, en zijn konden deze letters ook lezen. Zij lazen van links naar rechts net als je het Hebreeuws gewoonlijk leest; en zonder klinkers staat er in hun taal iets dat verstaan kan worden als memetoes, nenekoepsi a-ahleri; vertaald vijftig en de helft plus een beetje. Niemand kon daar iets mee, dus: werd de jood Daniël erbij gehaald. 

Die las het teken aan de wand, want daar komt onze uitdrukking vandaan, van boven naar beneden; en Daniel stopte er vervolgens de klinkers bij in:

Mene, mene, tekel ufarsin: geteld, geteld, gewogen en verdeeld. Door Daniel geïnterpreteerd werd dat: u bent gewikt en gewogen, en zult worden verdeeld – met een woordspel “farsi’ verdeeld onder de Perzen. We kennen het tenslotte in de zin “gewogen en te licht bevonden”. 

 

Het Bijbelse verhaal heeft veel kunstenaars geïnspireerd. Rembrandt schilderde "Belsazars feest" in 1635. Heinrich Heine dichtte de ballade Belsatzar, die Robert Schumann op muziek zeerpreteer je dette. Jean Sibelius componeerde in 1906 muziek bij het toneelstuk dat een vriend van hem naar aanleiding van het bijbelverhaal schreef. Georg Friedrich Händel componeerde een oratorium op dit thema.

Verder is “Mene Tekel” de titel van een novelle van mijn lievelingsschrijver Nescio. Ik heb het boekje er op nagelezen en dan betekent het: kijk goed, dan zie je iets anders. Helder zien.

 

Het is maar hoe je de tekens aan de wand bekijkt: van boven naar onder? Interpreteer je de feiten als machthebber of als onderligger? Als jongere Thunberg, of als Marc Rutte van Shell?

Kijk je links of rechts uit je ogen?

In dit geval gaat het om een cynische koning, die in alle weelde, met 1000 onderkoningen, met vrouwen en bijvrouwen, opscheppend uit de gouden vaten en pochend over zijn geroofde rijkdommen zijn eigen mythe propageert: Might is right, en de aandeelhouder wint..

Daniel is profeet; een profeet doorziet de werkelijkheid. Hartverscheurend, die vaten, geroofd uit de tempel van Jeruzalem. U bent ze niet waard, u spot met alles dat heilig is, of in de taal van tegenwoordig: u berooft onze kleinkinderen van de rijkdommen van de aarde.

Het is maar hoe je het bekijkt: “de ene zoekt vriendschap, een ander zoekt buit / de een ziet het hart en de ander de huid” – we zullen het zo zingen.

Kijken; goed kijken. Als de vos compassie preekt: boer, let op je kippen.

De rijken in het verhaal van Jezus laten zich ook graag zien. Titels, toeters en bellen. Vooraanstaan en goede sier met goede doelen: Postcodeloterij, superbingo, cryptomunten, snel rijk, en alles 20 jaar belastingvrij. Kom daar maar eens om met je nul-uren contract.

Nu is daar ook een mevrouw die een duit in het zakje doet. Niet eens een duit. Twee penningkjes.

Nou, dát zet een zoden aan de dijk! Nou, van zo’n druppel zal de gloeiende plaat gaan sissen.

 

Het is maar hoe je het bekijkt.

 

Hoe kijk je naar een mens. Hoe kijken de hoge heren naar de lage vrouw. Hoe kijken de koningen naar hun onderdanen.

Hoe een regering van ministers – het woord betekent “dienaren” - naar de mensen die hen gekozen hebben? Hoe kijken belastingambtenaren naar mensen met een vreemde achternaam, of hoe reageren agenten op zwarte mensen? Hoe kijk ik naar de jeugd van tegenwoordig, of naar ouderen?

 

Deze week zagen we een prachtfilm: “The Mole Agent” ja hoe vertaal je dat – de spion die een mol moest zijn. Het is een Chileens / Nederlandse co-productie, opgenomen in een tehuis voor Alzheimer patienten in Santiago, Chili. Er is een bemiddelde dochter die de boel niet vertrouwt. Ze huurt een spion in die voor haar het tehuis moet binnendringen, moet filmen met zo’n echte spionagebril met camera, dagelijks moet rapporteren. De spion is midden tachtig. Hij heeft geen kaas gegeten van de moderne techniek en dat levert voor mensen van mijn generatie hilarische en herkenbare situaties op.

Spion undercover in het verpleeghuis. Hij is een aardige man, hij is oprecht geïnteresseerd in de bewoners, luistert goed en kijkt goed, ontdekt de zeer teruggetrokken moeder en legt contact.

Ze eet goed genoeg; krijgt fysiotherapie; is wantrouwig. Meneer volgt haar. Hij krijgt ook contact met de veertig andere bewoners. Zoals dat gaat: slechts vier zijn man. De vrouwen zijn dol op deze gentleman. Hij op hen: Respect.

Gaandeweg ontdekt onze spion namens ons allerlei misstanden. Mensen die nooit ofte nimmer bezoek krijgen, en hun kinderen cq kleinkinderen bij voorbaat vergeven: “Anders komen ze straks helemaal niet meer”. Sommige mensen gaat het er ook niet om wat iemand doet, maar wat hij nalaat…

Eindconclusie: dochterlief is al die vier maanden niet eenmaal live wezen kijken. Die heeft het, volgens de directrice, ook veel te druk met allemaal belangrijke bezigheden. Onze spion kan slechts concluderen dat het instituut goed is, het personeel liefdevol, de bewoners echter eenzaam. Moeder wordt niet geslagen, krijgt de juiste medicatie. Haar teruggetrokkenheid is gevolg van het niet gezien worden…

 

Gewogen, en bewogen. De spion werd met ontferming bewogen. Jezus ook, doen hij die oudere mevrouw zag. Gewogen – de rijke dochter, de drukke doeners. De verdieners en zij die weinig krijgen. De mantelzorgers. Er zit iets onbehoorlijk scheef in de wereld van nu. Maar…: er gebeurt ook heel veel moois! Zo’n fil, bij voorbeeld; of mooie liederen of songs; de toespraak van Biden deze week; dat we weer kerken; dat de ouderen en gehandicapten de jongeren voor zijn gegaan. Dat de geschiedenis van Nebukadnessar of Belsassar, Pilatus, Haman of Herodes niet werd geschreven om aan te geven wie er gelijk had, wie de waarheid in pacht; ze waren slechts decor voor Jozef en Maria, Etty Hillesum, Anne Frank, Daniel of Esther. Die werden gezien. Anders waren al die andere namen zelfs vergeten… 

 Hoe kijk ik, waar let ik op. “De hoeren en tollenaars zullen u voorgaan in het koninkrijk” voorspelt Jezus. De arme Lazarus ligt in Abraham’s schoot.

Het gebed dat we nu zullen horen heet: “Delf mijn gezicht op”. Het is een echte Oosterhuizer; diep schriftuurlijk, intens, mystiek. Om te worden wie je bent, om te zijn zoals je gekend bent door de Enige, de enige die er toe doet. Een psalm 139 van nu (lezen): 

Hajlmer zingt "Delf mijn gezicht op" 

 

 Het volgende lied heb ik eens gedicht in 1994 en ik was er mijn tijd mee vooruit: zo maak ik ze tegenwoordig, helaas, niet meer.. maar zeg nooit: “nooit”.

Afgrond van Licht

(Lezen en zingen)

 Beide liederen zijn feitelijk geïnspireerd door het geloof dat onze ziel iets anders is, dan ons bange ikje, ons ego. Ons ego maskeert ons ware zelf, dat slechts door God gekend en bemind is. Volledig; dat is het geloof, geloof ik. Het ware zelf, het oorspronkelijk gezicht noemt de Boeddha het.

 

We openen ons voor het in gebed zijn

Psalm 139  

    1. Wie oordeelt er recht en wie oordeelt er krom?

    Wie kijkt naar een mens, en wie maalt daar niet om?

    1. De een staart zich blind naar wat ligt voor de hand

    En wie dat doorziet, die gebruikt z’n verstand.  

    1. De ene zoekt vriendschap, de andere buit

    De een ziet het hart en de ander de huid.  

    1. En als je de dienst nog vergeet of zoiets:

    Een oog voor een centje krijg je niet voor niets!

    1. De bril van de Bijbel, het licht of de schijn

    En hoe je ’t bekijkt als j’ eerlijk wilt zijn.!   

    1. Dus ben je vrijzinnig in de NPB

      Of je jong bent of oud bent, hier zit je OKEE

    1. Misschien ben je arm of misschien heel erg rijk

      Dat geeft niks: voor God zijn we allen gelijk

    1. Het ging over woorden van waarde vandaag

      Om geld en geluk en wat wil je echt graag?  

     

    Zegen

 

 

kriklogo

 

Ds. Ivo de Jong
Pastoriedijk 198 
3195 HK Pernis

telefoon: 010-8415105
mobiel: 06-53 455 966
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.