“Weet gij hoeveel sterren kleven aan de blauwe hemelboog?

     Weet gij hoeveel wolken zweven boven alle bergen hoog?

     Al die duizenden tezamen, roept de Heer bij hunne namen.

     En niet één ontglipt zijn oog; en niet éen ontglipt zijn oog…”

Zo zong ik op de NPB – zondagsschool. Dat liedje van vertrouwen raak je nooit meer kwijt. En voorin mijn dagboek schreef ik: Ivo de Jong - Astridlaan 14 - Nunspeet - Veluwe - Nederland - Benelux - Europa - Wereld - Bij de  Zon - Melkwegstelsel.

Een mooie trechter-piramide; alles kwam op mij uit ("Ja - Alles draait om Mij" - Pastorale).

Zo'n geloof heb je in die kindertijd nodig om je plek te weten. Misschien speelt het nog altijd mee in je basisvertrouwen?  

 

Op 28 februari van dit jaar stond een foto in de kranten van de grootste sterrenflits die ooit werd waargenomen. De explosie is veroorzaakt door een zwart gat en vond plaats op 390 miljoen lichtjaar afstand van de aarde in het Ophiuchus-cluster. Astronomen denken dat het de grootste explosie sinds de Big Bang is. Groot nieuws!

En toch is het: oud nieuws. Deze explosie vond 390 miljoen jaar geleden plaats.  

Onvoorstelbaar, zoiets. Te groot voor een mensenbrein. Het heelal is niet te bevatten. Dan maar liever die trechter, die mythe. Is dat wat het is? 

 

Ik ben amateurastronoom. Heb deze maand (corona-tijd, wat je zegt) boeken gelezen over het universum: vier technisch wetenschappelijke; twee grote met veel spectaculaire foto’s; en een recent theologisch boekje: “uit sterrenstof gemaakt”. Uit de Trouw recensie: ”In de kleine keuken van zijn Utrechtse flat vat Wil van den Bercken onze kosmische wentelingen samen: de aarde draait met 1.050 kilometer per uur om haar as, en met 107.000 kilometer per uur om de zon, terwijl het zonnestelsel met 828.000 kilometer per uur om het centrum van de Melkweg zwiept en het Melkwegstelsel dan weer met 200 miljoen kilometer per uur door het uitdijende heelal suist. Hij neemt een slok van zijn koffie, schuift een plakje cake mijn kant op”. “Best verpletterend’, constateert hij droog, “dat wij daar met onze koffie middenin zitten.”

In een van de andere boeken las ik over de sterrennevel in het sterrenbeeld Zuiderkroon, genaamd Corona Australis . Ook wel NGC 6729 genoemd. Deze corona is gelukkig heel ver weg (424 lichtjaar), en Corona schrijf je hier met een hoofdletter.

 De hoeveelheid sterrenkundige boeken (5) staat in schril contrast tot het aantal (500) dat ik als theoloog over God gelezen dan wel in de kast staan heb. Om nu dan te beweren dat ik een godgeleerde ben? Nou, neu... Al helemaal niet meer sinds ik in de woestijn stond in het holst (terwijl ik dit tik, luister ik naar Holst: The Planets) van de nacht.  

 

Sandra en ik stonden met open mond en grote ogen naar de sterren te staren op de donkerste plek ter aarde: de Atacama – woestijn, in Chili. De foto is gemaakt door Atacamastro (de man beneden) van statief; wij moesten stil blijven staan. Dat lukte de sterren beter dan ons. En vergis je niet, het was aardedonker. 

Carlos Arroyo vertelde wat we te zien kregen. Hij is een man die van het sterren kijken zijn beroep heeft gemaakt, na exact zo'n ervaring als wij voorgeschoteld kregen. Hij noemde het zijn "bekering". We zagen het Zuiderkruis, Orion, met daarin Betelgeuze; we keken door zijn telescoop en zagen daar door nog veel meer. Betelgeuze! Prachtige naam voor een licht dat 800 lichtjaar van ons verwijderd is, en dat eeuwenlang de zeelieden hun koers liet bepalen. 

Je ziet hem; maar wellicht (..) is hij er allang niet meer (er gingen geruchten; maar die bleken deze maand onwaar*).

Betelgeuze! Ik kende de naam van het schip dat al zolang ik weet voor anker ligt in de onderzeeboothaven (Heijplaat). Je kunt dit schip Betelgeuze (uit 1950) van nabij aanschouwen; het ligt direkt naast de halte van de snelboot naar Rotterdam of Dordrecht.

Een week later mochten we de gigantische radiotelescoop van Tololo (het Mapuche - woord voor “afgrond”) bezoeken. Daar kijken ze van Betelgeuze niet meer op. Sterker: ze kijken niet, ze laten computers berekeningen maken. Zo zoeken ze naar bewijzen van de oorsprong van het universum, nu zo’n 12,3 miljard jaar terug in de tijd.


 

Er zijn oneindig veel meer sterren dan stamvader Abraham met zijn blote ogen zien kon. En de dichter van psalm acht schreef: “Als ik naar de hemel kijk, en al de sterren die Gij daar stelde: Wat is dan het mensenkind dat Gij acht op hem slaat?” En in psalm 139: “Het begrijpen is mij te wonderbaar; ik reik daar niet toe”. En dan te bedenken dat zij toentertijd nog geen tienduizendste konden bevroeden van wat nu bekend is.

Darwin vertelt dat mensen niet gemaakt zijn om wetenschappelijk te denken; dat kunnen we gewoonweg en van nature niet aan. We maken er een te begrijpen verhaal van. Zoals ik deed met mijn adres. Zoals astrologen dat deden in de tijd van de platte aarde en de overkoepelende hemel. Zoals bijbelschrijvers deden, toen ze dichtten: “Op aarde, zoals in de hemel”. 

Het overweldigende “Goooh…” gevoel is van alle tijden.

 

"Heel deze zichtbare wereld is niet meer dan een onmerkbaar streepje in de wijde schoot van de natuur: wat is een mens, te midden van die oneindigheid? Het eeuwig zwijgen van deze eindeloze ruimten vervult mij met ontzetting.”

Dit schreef Blaise Pascal (1623 – 1662). En dan te bedenken dat de astronomen van die dagen nog geen fractie wisten van hoe uitgebreid en hoe oud het universum is. We zijn nog vele malen nietiger en eenzamer dan hij vermoeden kon. Pascal begon als wetenschapper, en eindigde in een klooster. Hij kon niet tegen de eindeloosheid en zocht geborgenheid. In een geloof, in een mythe. In menselijkheid..

Het is misschien gevaarlijk om te lang in de afgrond (van Tololo) te kijken.

Ik las Klaas Douwes op de site van de vrijzinnigen; “En toch bekruipt mij, als ik zo oog in oog sta met de hemel, uiteindelijk een gevoel van vrede. Wat is het immers fantastisch dat er leven is op dit hele kleine speldenknopje in het onmetelijke universum. Wat is het bijzonder om te bestaan in het hier en nu. Een blik op de grootse sterrenbeelden wekken in mij al met al juist een intense verwondering over het nietige, het weerloze en schijnbaar toevallige wat ik rondom mij waarneem: het gekwetter van vogels, knoppen die op springen staan, kinderen die vol enthousiasme opgaan in hun spel, een wolk die verdacht veel op een olifant lijkt … Het is de aandacht voor zulke vluchtigheden die ons doet glimlachen en ons bestaan de moeite waard maakt.”

Ik vind dat mooi, ik vind dat prachtig zelfs: het is o zo herkenbaar.

Toch blijf ik met de onmenselijke vraag zitten. Kunnen wij stervelingen onze eenzaamheid, de oneindigheid, de waarheid en de wetenschap, die hele santenkraam wel aan? Corona maakt eenzamer. Kennelijk is dat niet gezond voor mensen. 

Ik geloof, dat we menselijk gesproken willens en wetens blijven zingen, dichten en bidden; om in gebed te blijven; te beamen; samen,

amen.

 

 

 

 

*Betelgeuze is aan het eind van zijn leven, en kan op 'ieder moment' een supernova worden, d.w.z. exploderen, waarbij enkele dagen zeer veel licht wordt uitgestraald. 'Ieder moment' is overigens op astronomische schaal, het kan ook nog wel enige tienduizenden jaren duren. Wanneer het gebeurt zal Betelgeuze, gezien vanaf de aarde, waarschijnlijk helderheid -10 bereiken, en daarmee 250 maal zo helder zijn als Venus en 2500 maal zo helder als Sirius. Dat is niet veel zwakker dan de volle maan, zodat hij ook overdag goed zichtbaar zou moeten zijn. Theoretisch valt niet uit te sluiten dat Betelgeuze reeds is geëxplodeerd, aangezien hij op 500 tot 800 lichtjaar van de aarde staat (en zijn licht dus 5 tot 8 eeuwen nodig heeft om de aarde te bereiken, en de explosie dus 5 tot 8 eeuwen later pas zichtbaar zal zijn vanaf de aarde), maar de kans hierop is gering. (bron: Wikipedia)

 

 

kriklogo

 

Ds. Ivo de Jong
Pastoriedijk 198 
3195 HK Pernis

telefoon: 010-8415105
mobiel: 06-53 455 966
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Ruimte voor verschillende modules