En Jezus schreef in ‘t zand (Gerrit Achterberg)

Jezus schreef met zijn vinger in het zand.

Hij bukte Zich en schreef in ‘t zand, wij weten

niet wat hij schreef, Hij was het zelf vergeten,

verzonken in de woorden van Zijn hand.

 

De schriftgeleerden, die Hem aan de tand

hadden gevoel over een vrouw, van hete

hartstochten naar een andere man bezeten,

de schriftgeleerden stonden aan de kant.

 

Zondig niet meer, zei Hij, ik oordeel niet.

Ga heen en luister, luister naar het lied.

 

En Hij stond recht. De woorden lieten los

van hun figuur en brandden in de blos

 

waarmee zij heenging, als een kind zo licht.

Zo geestelijk schreef Jezus Zijn gedicht.

 

dennis coenraadt corpusVergeef (Jaap Zijlstra)

vergeef mij dat ik met mijn kleine woorden

meedoe en stal zeg  en ster

en dat ik in drie kleine letters

God zeg  

en U denk te noemen daarmee.

Het water is veel te diep tussen mij en de stal

en de ster is te hoog.

Ik verspreek mij

wanneer ik U noem.

Vergeef mij dat ik met mijn kleine woorden

toch meedoe en stal zeg

en ster en dat ik in drie kleine letters

God zeg

en U denk te noemen daarmee.

 

Een paar weken geleden waren we met de NPB collega’s in Barchem om bij te tanken. Thema was: Kunst. Er was een performance kunstenaar, er waren diverse workshops - en dinsdag was daar Dennis Coenraad. Dennis is beeldhouwer. Hij was leraar, toen boer, nu is hij beeldhouwer: hij bleek niet alleen een talent te hebben voor aarde, maar ook voor klei. Mooie handen - en hij kan maken wat hij zag. Hij kijkt zorgvuldig. Momenteel is hij een van de bekende beeldhouwers van Nederland. Aantjes, Ben Bot, ds Barnard, pater van Kilsdonk hebben voor hem model gezeten. Ook verbeeldt Dennis vaak: mannelijkheid. Want: wat is een man, wanneer ben je een vent?

Hoe verloopt zo’n leven? Hoe gaat het goed?

De beelden zijn werkelijk sterk. Het meest recente beeld van Coenraad staat voor op ons blad. Het is een beeld van Jezus. Daar werd in de kunstwereld vreemd van opgekeken, men meende dat het Jezusbeeld zijn tijd gehad heeft, dat het uitgewerkt was. Maar een kunstenaar als Coenraad zoekt naar zijn persoonlijke drijfveren, zijn beeld van mannelijkheid; vandaar dit archetype. Maar kijk – het is een andere Jezus dan die we kennen uit de kunstgeschiedenis. Een interviewer vraagt, of hij katholiek is. Nee, protestant opgevoed. Dat kun je ook aan het beeld zien; katholieken hebben er een kruis bij. Deze Jezus hangt in de lucht, in de hemel. En al rijmt het beeld van Coenraad op de gekruisigde, dat is niet het hele verhaal. Jezus heeft een atletisch figuur; hij lijkt een danser; zijn handen strekken zich eerder uit, dan dat ze zijn uitgerekt. Jezus is een overwinnaar; een moedige minnaar. En juist, juist omdat hij vrij is, blijft hij boeien (..). Hij is eerder opgestaan. Eerder dan wij. Ons in wezen en vooruit. Deze Jezus is de archetypische man - mens, het mooiste dat we in ons hebben, een streven. Denk aan de psychosynthese van Assagioli!

Op diezelfde conferentie werd me gevraagd of ik een hoofdstuk wil schrijven in een boek over vrijzinnigheid. Mijn hoofdstuk moet gaan over Jezus en moest de titel hebben: “Ik geloof niet in Jezus”. Het boek gaat namelijk over wat vrijzinnigen niet geloven. Ik vroeg mijn collega Menno wat hij van Jezus vindt. Hij antwoordde dat hij moeite heeft zichzelf een christen te noemen -omdat er veel messiassen zijn, veel gezalfden zijn geweest, veel meer zonen en dochters van God. Jezus is prachtig, maar Christus? Zo ontstond deze dienst over Jezusbeelden. Dat ik er nog eens goed met u over kan nadenken. Daarover mijmerend reed ik terug van Barchem naar Bathmen en in mijn CD speler zat een CD met gospelmuziek die ik zelf een tijdje geleden heb gebrand. Klik op de onderstaande link:

 Yolanda Adams "I Believe I can fly" op Youtube

Waarom vinden we die zwarte gospelmuziek zo mooi – ja zo geloofwaardig?

Omdat de zangers getuigen – en niet proberen te overtuigen. Er zitten geen weerhaakjes in hun woorden, zoals die nou eenmaal wel zitten in al die evangelisten met hun “want anders” geloof; deze zangers dreigen niet. Ze geloven, en om met psalm 23 te spreken: hun beker stroomt over. Ze houden gewoon van het verhaal, het voorbeeld dat ze van de man Jezus van Nazareth gehoord hebben, en dat verhaal bezielt, inspireert hen.

We luisteren naar een Bijbelverhaal uit Johannes 8. De dichter Gerrit Achterberg,  gestorven in 1962, zijn hele leven worstelend met schuldgevoel en spijt, heeft over deze tekst in 1947, hij zat toen nog in TBS, een gedicht geschreven.  

Meditatie

Het is een prachtig verhaal, dat van Jezus en de overspelige vrouw. “En ze dropen allemaal af, de oudsten het eerst..”. Zo de juiste toon te treffen dat je als het ware een glas kunt doen springen, zo barmhartig de waarheid kunnen spreken!  Zoals Jezus aanvankelijk staat, dan rustig gaat zitten - iedereen laat wachten, betijen – door iets in het zand te schrijven, of te tekenen; dan staat hij langzaam op, kijkt iedereen een voor een aan (stel ik me zo voor), en spreekt met een goddelijke autoriteit. Zijn woorden treffen de omstanders, hoe vereelt of verhard ook, recht in het hart. Dan bukt Jezus zich nog eens – en gaat verder met schrijven, of tekenen. Dat duurt een eeuwigheid, stel ik me voor. Daarmee laat hij  iedereen in hun privacy. De aanvankelijke triomf van de omstanders smelt weg, ze druipen af. Tenslotte blijft allen hij achter - met de vrouw in het midden. Pas dan richt hij zich weer op.  ‘Waar zijn ze? Heeft niemand u veroordeeld?’  ‘Niemand, heer,’ zei ze.

‘Ik veroordeel u ook niet,’ zei Jezus. ‘Ga naar huis, en zondig vanaf nu niet meer.’

Alleen in het evangelie van Johannes komt dit verhaal voor. Maar als je het in de Griekse grondtekst bekijkt, staan er dikke haken omheen. Dat betekent, dat dit verhaal niet in de oudste handschriften voorkomt; het is er pas vijftig jaar later, door latere kopiisten, ingevoegd. Het is een verhaal dat aan Jezus is toegeschreven; Jezus had het zo gezegd en gedaan kunnen hebben.

Als je de beeldhouwer bezig ziet; hij begint met twee stokken die elkaar kruisen, en dan bouwt hij laag voor laag de gestalte op. Steeds wat meer klei of was.

Zo moet het ook gegaan zijn met de evangeliën. Zo is in elk geval het kerstverhaal er bij gekomen. De boom die werd hoe langer hoe dikker.. de steen van de berg veroorzaakt een lawine, een sneeuwbal effect. Het vertelt misschien meer over de schrijvers, dan over Jezus. De meest beroemde vrijzinnige van de vorige eeuw, Albert Schweitzer, heeft een dik boek geschreven met de titel “Geschichte Jesu Forschung”, waarin hij dit verschijnsel beschrijft met de titel “gemeente theologie”. Wat je zegt, ben je zelf..

Ieder beeld van Jezus is tijd- en plaats- ja zelfs persoonsgebonden. Hij wordt de gedroomde vader, vriend, herder. In de orthodoxie van het Oosten is hij de Pantokrator, de schepper van voor alle tijden; bij katholieken is hij vooral de middelaar; anderen beschrijven hem als profeet, guru, bevrijder, radicaal. Paul Verhoeven is er zo een. En zo kunnen we nog eeuwen doorgaan – al die beelden.. Wil de echte Jezus opstaan (..)?

Zou je er dan moedeloos van worden, en het kind, het kerstkind, met het bad- of doopwater en al weggooien? En als je je kinderen er over vertellen wilt en je weet dit alles, wat doe je dan? Je wilt hen verhalen vertellen die echt waar gebeurd zijn..

Ik hecht erg aan het beeld dat ten slotte in mezelf ontstaan is. En ik weet, dat het tijd- en plaats- en persoonsgebonden is. Mijn beeld van Jezus is van mij. Ik denk aan een gedicht van Jaap Zijlstra:

Een beeld van Jezus! Daar vertil je je zo maar aan..Maar eigenlijk denk ik altijd aan Jezus.

Laat ik eerst zeggen dat “Jezus” heel iemand anders is dan “Christus”. Christus is een geloofsbelijdenis; wie Christus zegt, gelooft dat Jezus DE Christus is. De enige Messias, de verlosser, heiland, enige zoon van God. Dat zijn voorwaar heel grote woorden.

Op ons blad staat ook het bekende Jezus-logo: een vis in de vorm van een alfa, en het acrostichon Iesus Christos Theou Uios Soter. De Christus (Gristus, zegt men in ortodoxe kringen) van God De zoon, de redder. Mooi verhaal met grote woorden. Bedoeld om te getuigen – of om te overtuigen?   

Ik denk veel over Jezus na, en, op mijn eigen manier, geloof ik wel in hem. Hoe? Dat is niet makkelijk uit te leggen aan mensen die een vast beeld van wat geloof is hebben. En het verandert ook met de dag. Geloof? Ik geloof bij voorbeeld meer in Cohen dan in Rutte, meer in Rutte dan in Wilders, meer in Jezus dan in Cohen. Meer in Jezus dan in Ivo -  Opstelten. Van alle mensen die ik meen te kennen, geloof ik misschien wel het meest in Jezus. Ze hebben mij zulke mooie verhalen over hem verteld – ik weet niet of ze allemaal waar zijn, maar ze hebben zich als sneeuwbal in een lawine aan elkaar vastgeplakt; en zo is Jezus in mij groot geworden. Heel groot. Ik weet niet, of mijn beeld klopt met de historische Jezus – maar ik geloof van wel (..). Dat deze week de rechtse regering niet doorging, kwam ook vanwege Jezus. Er is een groep binnen het CDA die Jezus’ leven en dood tot norm heeft genomen. Als je in de strekking van het verhaal van vandaag gelooft, namelijk, dat niemand buitengesloten mag worden, is dat een logische conclusie.

Zou je hem dan maar gewoon – in het midden moeten laten? Veel mensen doen dat. Met een vloek en een zucht, of met beide. Ik kan dat niet – en blijf, uiterst actief, met vragen zitten. Wat is er gebeurd? Waarom hebben vissers, analfabeten toen, Grieks geleerd om met gevaar voor eigen leven het verhaal door te vertellen? Waarom heeft deze figuur zo’n ongelooflijke impact gehad? Er moet toch iets gebeurd zijn..

Geloven in Jezus? Het beeld dat wij van hem overgeleverd hebben gekregen, is ons dierbaar geworden. Het is, toegegeven: veranderd, mee gegroeid en bijgeslepen, laag voor laag opgebouwd net als het beeld van Dennis Coenraad. Ontstaan, geschapen uit het beste van ons onderbewuste. Een ideaalbeeld geworden; prototype van menselijkheid. Je hoort dat in de liedjes van net: Lovely Jesus.. Livin’ for my Jesus.. en Tom Waits’ Jesus Blood.. We zijn aan een bepaald, beperkt, beeld van Jezus gehecht geraakt; we onthouden selectief, praten goed, vergeten of bagatelliseren de rare dingen die hij volgens de evangelisten (!) gezegd heeft. Maar desalniettemin. Het maakt dat we niet misschien niet zozeer in Jezus als Christus geloven, maar dat we actief parallel aan hem blijven groeien.

“Life is not a problem to be solved, but a mystery to be lived”, sprak een wijs mens: Het leven is niet een raadsel dat je oplossen moet, maar een mysterie om te beleven.

Evenzo is het met je geloof in Jezus. Laat het verhaal maar staan; laat Johannes 8 maar staan. Een beetje schilder kan een leeg canvas niet velen, hij moet wel schilderen. Een ouder kan het niet laten zijn kind op te voeden. Een minnaar moet proberen zijn beminde te veranderen, daar is geen ontkomen aan. Jezus houdt ons bezig, en alleen dat ermee bezig zijn al, dat is bezig zijn met je idealen, met je verlangen, je heimwee, je groei.

En daar tenminste, daar geloven we in.

Hier stond een paar dagen geleden: Amen. Maar toen ik met deze preek klaar dacht te zijn en ging slapen, had ik een droom. Er kwam een jong stel handen schudden na afloop en het meisje keek me aan, en zei: Ivo – je weet veel en weet het leuk te brengen. Maar: Wanneer begin je nu eens ons te bezielen? Die ochtend onder de doop van de douche liet ik die woorden tot me doordringen. Daarom nog dit.

Want ik geloof ook op een mystieke manier in: Christus. U kent misschien vanuit de anthroposifie van Rudolf Steiner de term: Christusbewustzijn. Wij hebben als mens twee naturen. De ene natuur is de persoonlijke natuur, waarbij je jezelf kent in de tijd, met een geboorte en een dood. Dat ben jij als mens met een geschiedenis en een persoonlijke identiteit; het is jouw persoonlijke natuur. De tweede natuur van de mens is zijn tijdloze kern. Deze tijdloze kern van de mens heet in de gnostiek 'de Christus.' Daar hoort een ander soort bewustzijn bij, het 'christusbewustzijn'.  ‘Christus woont in u,' schrijft Paulus – en dat is voor een gnosticus duidelijk verstaanbaar. Dit is het geheim, waar het in de gnostiek over gaat. De Christus is geïncarneerd, vleesgeworden, in elk van ons; niemand uitgezonderd. Elk mens heeft dus, behalve zijn persoonlijke natuur, ook Christus-natuur.
Dit geloof lijkt heel erg sterk op het boeddhistische begrip 'boeddha-natuur': elk mens, alle wezens, alle dingen hebben Boeddha-natuur, leert de Boeddha. Het spirituele pad van het Boeddhisme heeft als doel het bewustzijn van de individuele mens te verenigen met de eigen Boeddha-natuur. In het Hindoeïsme spreekt men over de gelijkheid van Atman en Brahman. Atman is het persoonlijk zelf, Brahman het kosmisch zelf. Ook daar gaat het om de vereniging van Atman, het persoonlijk zelf, met Brahman, het kosmisch zelf.
Zoals het Boeddhisme vertelt dat elk mens Boeddha-natuur heeft, en het Hindoeisme leert dat Krishna het kosmisch zelf in elk mens is: zo geldt in de gnostiek op vergelijkbare wijze dat elk mens Christus-natuur heeft: het Christusbewustzijn. Doel van de gnostiek is het persoonlijk bewustzijn te verbinden met het Christusbewustzijn. In oecumenische zin zijn gnostiek, Boeddhisme en Hindoeisme, Soefisme (en veel andere spirituele tradities variaties op hetzelfde thema. Ze mogen elkaar aanvullen en verrijken.

Ik vind dit een vrij zinige gedachte! Zo groet ik u met “Namaste”.

 

En zo kan ik het verhaal van Johannes van vandaag ook lezen: als iets, dat zich in mijzelf voltrekken kan. Niet langer afgaand op oordelen van anderen, al zijn ze nog met zoveel. Niemand buitensluiten. Bezinnen, mediteren, schrijvend in het zand. Gaan zitten en opstaan. De Christus in mij zal de standaard zijn;  niet Rutte Opstelden, deze Ivo of mijn vrouw. Ze zijn belangrijk en ik geloof ook in hen. Maar ik geloof - Oh, we zijn constant in gesprek.

joop stokkermans & michiel van der plas

kriklogo

 

Ds. Ivo de Jong
Pastoriedijk 198 
3185 HK Pernis

telefoon: 010-8415105
mobiel: 06-53 455 966
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.