Jenevermuseum Schiedam , zondag 17 januari 2016

Openen met Prediker 9:

7 Dus eet je brood met vreugde, drink met een vrolijk hart je wijn. God ziet alles wat je doet allang met welbehagen aan. 8 Draag altijd vrolijke kleren, kies een feestelijke geur. 9 Geniet van het leven met de vrouw die je bemint. Geniet op alle dagen van je leven, die God je heeft gegeven. Het bestaan is leeg en vluchtig en je zwoegt en zwoegt onder de zon, dus geniet op elke dag. Het is het loon dat God je heeft gegeven.

  Welkom bij deze historische gebeurtenis! Want vandaag gaan Orthodox tot Vrijzinnig, Katholiek tot Canadees, aan de drank: vandaag namelijk is het Kana-zondag; de zondag dat het verhaal bezongen en gelezen wordt van water dat veranderde in wijn – het eerste wonder van Jezus. Want zo wil hij gekend zijn: als zout in de pap, wijn op een feest. En feesten konden ze.. als je in die dagen trouwde werd er wel zoveel drank geschonken, dat je je hele verdere leven in de schulden zat en wel bij elkaar blijven moest..

En waar kunnen wij dit beter vieren dan in het Jenevermuseum?

Want – is het echt gebeurd? Nou, dat scheelt een hoop branderij..

Jenever Can Tell, zei mijn goede vader altijd.

“Je geld of je Never”, las ik beneden; en in Rotterdam zingen ze: Jenever walk alone. Ik hoop dat het helpt, vanmiddag tegen PSV. We drinken er dadelijk een borrel op.

Een historische dag ook, omdat we vandaag een einde willen maken aan eeuwenlange verkettering. Mijn opa Klaas was korpschef bij het leger des Heils; een bekeerde alcoholist, tot zijn dood een blauwe knoper. En een paar huizen verderop woonde François HaverSchmidt. Na enkele eenzame jaren in het afgelegen Friese dorp Foudgum en in Den Helder werd HaverSchmidt ten slotte dominee in Schiedam, waar de straatarme arbeiders meer geneigd waren hun troost te zoeken in de plaatselijke jenever dan in preken over het hiernamaals. De gevoelige en meelevende dominee had het er moeilijk. Hij raakte geïsoleerd tussen zijn orthodoxe collega's en gaandeweg vrat de twijfel aan zijn geloof de fundamenten onder zijn bestaan weg. HaverSchmidt was van de grote kerk; daar werd hij weggepest, en begon in Pand Paulus; hij overleed, het kerkvolk verhuisde voor tien jaar naar de Gathuiskerk, nu de ontvangsthal van het Stedelijk Museum (waar we 7 februari een samenkomst organiseren).

Het is dus een historische dag – en daar drinken we zo dadelijk op met de Hebreeuwse toast: Le Chaim, op het leven.

Maar niet voordat we een contract tekenen – het jenevermuseum, en onze onvolprezen secretaris: Maarten Bijl.

Zowel HaverSchmidt als zijn alter ego Piet Paaltjens heeft de stank voor drank beschreven. Ik, Ivo de Jong, ben zijn opvolger – weliswaar 120 jaar later, maar toch.. in de door hem gedroomde kerk aan de Westvest 90. Ik mag vast wel een gedicht van hem voordragen. Tenslotte ben ik de trotse bezitter van de eerste druk van Snikken en Grimlachjes – gedrukt om de hoek hier. Dit is nog het exemplaar waar Piet Paaltjes de andere kant op kijkt, in latere drukken keek hij andersom. 

 

 HaverSchmidt: Aan Betsy

Het heugt mij als de dag van gistren. Op het mos

In hartverovrend achtelooze houding lag

Uw rijzige figuur, wijl de anderen het bosch

Langzaam doordwaalden. 't was een vreeslijk heete dag.

Gij hield mijn veldflesch aan uw rozenlipjes, droog

Van 't lachen. Diep-gemoedlijk, als wen de avondklok

Door 't dal luidt, klonk het in uw keel. En zacht bewoog

Uw zoete strot zich op en neer bij elken slok.

Intusschen leunde ik schilderachtig op den tronk

Eens duizendjaargen eiks en vroeg mij heimlijk, wat

Voor smaak wel 't lot had, dat het aan een veldflesch schonk,

wat droomend slechts mijn dichtermond genoten had.

O, ware 't noodlot niet alleen behept met koud

Verstand maar ook met warm gevoel,- uw poezle hand

Had plots de flesch, zodra ze leeg was, door het woud

Gekeild, en op mijn lippen had uw mond gebrand.

Nu echter dronkt ge alleen de flesch leeg, onbewust,

Dat de inhoud nog al koppig was,- 't was witte port,-

En sloot uw loddrige oogjes dicht en sliept gerust.-

Nooit heb ik zóóveel tranen op één dag gestort.

 

Je vraagt je af, hoe mijn voorgangers: Klaas de Jong en François, beide afkomstig uit Leeuwarden, nu naar ons kijken. Ik vermoed en geloof, dat ze met ons vrolijk zijn. Maar: Jenever can Tell.

Vandaag beloven we elkaar, proosten we er op, dat kerk en kroeg elkaar niet meer zullen verketteren. We willen het beste van elkaar beproeven en stimuleren.

“Vrijzinnigen”, dat staat voor vrij & zinnig. Velen van ons zijn dan ook lid van dit museum. Er staan illustere stokersnamen op onze kerkbanken en die houden we er in.

En: ons motto kun je heel vrij en zinnig samenvatten met de woorden: Je Never Can tell – je kunt het maar nooit weten… Niks is zeker (er is een Jeneversoort die zo heet, trouwens).

 Ik stel voor dat we voor de tweede preek eerst gaan zingen. Hjalmar en ik hebben een tweetal kerkliederen gedestilleerd. De eerste die we samen willen zingen is: het Je Never Ever Can Tell lied. I

 Je Never Ever Can Tell Lied Melodie van Liedboek 301:

 

Wij moeten Gode Zingen, vet = (s) amen

Wat valt er te geloven                      

Want Je Never Can Tell                

En is de Hemel Boven                      

Want Je Never Can Tell                  

Of issie ook beneden                       

De aard’ is immers rond               

Wat valt er te geloven?                     

De benen op de grond..    

Als alles gaat bewegen

En drank is in de mens

De wijze mensen zwegen

En niets gaat meer naar wens:

Geen wonder da’j gaat drinken –

Geen wonder da’j ‘em kneep

Wat zul je dan nog bidden

God zegene de greep?

             

Wij zijn hier te verbinden

Want je never can tell

Hoe je mekaar zult vinden

In Hemel of in Hel

Om (s)amen te genieten

De brug over te gaan

Historische visite

Waarvoor wij blijven staan!  

 

Omdat het een historische gebeurtenis betreft – nu eerst wat historie. Ik heb het opgezocht: in de bijbel komt wijn 227 x voor. 49x het woord: dronken. In vergelijking: het woord sport: komt in het geheel niet in de bijbel voor; het woord Spel slechts 12x. Drank verdient ook hier de prioriteit en de conclusie ligt dan ook voor de hand.  

Churchill, een notoire genieter, werd eens gevraagd hoe hij het toch volhield – zoveel waar hij rekening mee moest houden en toch zo weinig slaap en zoveel drank. Wet U nog wat hij antwoordde?

…precies:

“No Sport”.

Zo maak ik nog een kleine uitstap naar dat andere gedicht over jenever en Schiedam door de dichter – dominee Francois HaverSchmidt, ik citeer slechts een fragment:

Een kijkjen in uw oud Schiedam.

Och wil niet gansch vergeten!

Gij hebt er toch zeker ook menig uur

Van waar genot gesleten.

 

Een onafboenbre roetkorst kleeft

(Dat 's waar) aan iederen gevel,

En over havens en straten hangt (zweeft)

Er een eeuwige steenkolennevel.

 

Ook zou alleen een verkouden mensch

Op zijn eerewoord durven ontkennen,

Dat het makkelijk valt, om aan den geur

van deze stad te wennen.

 

Hier mengt de gist haar zoetigen walm

Met zure spoelingsdampen,

Wijl mestossenstal en beschadigde gerst

Om den prijs van uw neusorgaan kampen.

 

En voeg daar nu de wasems bij

Die er onophoudelijk stijgen

Uit glasblazerij en kaarsenfabriek

Dan zoudt ge er genóeg van krijgen.

 

Gelukkig maar dat de boventoon

In het koor van al deze stanken

Toch altoos blijft en blijven zal

Aan den edelsten aller dranken.

 

Dien drank die van ons Hollandsch volk

Het nakroost van stoere reuzen (van watergeuzen),

Nog eenmaal, zegt men, een bende maakt

Van louter jeneverneuzen...

Goddank, dominee voorganger: Schiedam ziet er een stuk klaarder uit; en zelfs zo, dat Uw opvolger Uw gedicht over “de edelste aller dranken” in het hol van de Leeuw declameren kan. 

Maar terug naar de bijbel. 227 maal wijn! Da’s niet wein-ig.

De boeken waarin het woord “drank” het meest positief voorkomt, dat zijn wel de boeken (wat denkt U?) Hooglied; Esther, en Ruth. Feestrollen worden zij genoemd, en vooral het boek Ester werd gelezen op het Joodse carnaval. Men diende daarbij zoveel geestrijk vocht te nemen, dat met tenslotte het verschil niet meer horen kon tussen Haman en Mordechai.

Maar ook Ruth kon er wat van – getuige het Joodse grapje:

Ruth ging met Lazarus op stap.

Toen ze terug kwamen, was Ruth lazarus – en Lazarus Ruth...  

Jajin  Dit is het bekendste Hebreeuwse woord voor wijn en sterke drank.

Sjékhár  De NBG-Bijbel (NBG ’51) vertaalt deze term met 'bedwelmende drank' en de Statenvertaling (voortaan: SV) met 'sterke drank'. Sjékhár duidt niet op sterke drank zoals wij die kennen, maar op een alcoholische drank die van graan of fruit gemaakt was. Sterke drank was er toen nog niet. De term duidt op dronken, dan wel bedwelmd zijn en heeft in het Oude Testament voornamelijk een negatieve betekenis.

En God wordt soms wel erg net als een mens voorgesteld. Twee nogal bijzondere voorbeelden vond ik in de psalmen:

Psalm 75: 9 In zijn hand houdt de HEER een beker

met wijn, schuimend en bitter gekruid,

hij schenkt hem uit aan de zondaars op aarde,

zelfs de droesem moeten zij drinken.

Psalm 78:

65 De Heer ontwaakte als uit een slaap, als een strijder uit de roes van de wijn,

Kennelijk houdt deze God van wijn - Leviticus

Op de dag dat de schoof wordt aangeboden, moeten jullie ook een eenjarige ram zonder enig gebrek als brandoffer aan de HEER opdragen, 13 met het bijbehorende graanoffer van twee tiende efa tarwebloem vermengd met olijfolie, als een geurige gave die de HEER behaagt, en het bijbehorende wijnoffer van een kwart hin wijn. 14 Tot op de dag dat deze gave aan jullie God is gebracht, mag je geen brood, geroosterd graan of vers graan eten.

De offerfeesten waren ook toen al vrolijk. Niets van de blauwe knoop!

Deuteronomium 15: 26 Daar mag u het uitgeven aan alles wat u maar wilt: runderen, schapen en geiten, wijn en andere drank en wat maar in u opkomt, en daarvan richt u dan, ten overstaan van de HEER, uw God, een feestmaal aan met uw hele familie. En vergeet daarbij de Levieten die bij u in de stad wonen niet!

Die laatste zin ook spreekt mij aan. Want de Levieten – dat zijn de priesters. De dominees van die dagen, dus. Vergeet ze niet..!

Het kon ook wel eens flink mis gaan. Er staan twee beruchte verhalen in Genesis: een over Noach, de man van de ark en dit verhaal heeft heftige consequenties gehad in ZuidArika:

9: 18 De zonen van Noach, die samen met hem uit de ark waren gekomen, heetten Sem, Cham en Jafet; Cham was de vader van Kanaän. 19 Met de drie zonen van Noach begon de verspreiding van de mensheid over de hele aarde.

20 Noach was landbouwer en legde als eerste een wijngaard aan. 21 Hij dronk van de wijn, werd dronken en ging in zijn tent liggen, zonder kleren aan. 22 Toen Cham, de vader van Kanaän, zag dat zijn vader naakt was, vertelde hij dat aan zijn twee broers, die buiten waren. 23 Daarop namen Sem en Jafet een mantel, legden die over hun schouders, liepen achteruit de tent binnen en bedekten het naakte lichaam van hun vader, met afgewend gelaat, zodat zij hem niet naakt zagen. 24 Toen Noach uit zijn roes ontwaakte en te weten kwam wat zijn jongste zoon hem had aangedaan, zei hij:‘Vervloekt zij Kanaän.

De apartheidstheologen laten namelijk de zwarte mensen van de jongste zoon Kanaan afstammen..

En dan het beruchte verhaal van Lot! Awel – Sodom is dus naar de Sodomieter gegaan. Lot’s vrouw veranderde in een zoutpilaar. En Lot bleef alleen met zijn dochters achter…:

Genesis 19:30vv: Omdat Lot niet in Soar durfde te blijven, verliet hij die plaats en ging in de bergen wonen, samen met zijn twee dochters. Daar woonden ze met elkaar in een grot. 31 Op een dag zei de oudste dochter tegen de jongste: ‘Onze vader is al oud, en er is in dit gebied nergens meer een man die met ons kan doen wat op de hele wereld de gewoonte is. 32 Laten we daarom onze vader dronken voeren en met hem slapen; dan kunnen we kinderen krijgen van onze vader.’ 33 Nog diezelfde nacht gaven ze hun vader wijn te drinken, en de oudste sliep met haar vader, zonder dat hij er ook maar iets van merkte dat ze bij hem kwam en weer wegging. 34 De volgende morgen zei de oudste tegen de jongste: ‘De afgelopen nacht heb ik met mijn vader geslapen. Laten we hem ook vannacht weer dronken voeren, en dit keer moet jij met hem slapen; dan kunnen we allebei kinderen krijgen van onze vader.’ 35 Ook die nacht gaven ze hun vader wijn te drinken, en ditmaal sliep de jongste met hem, zonder dat hij er ook maar iets van merkte dat ze bij hem kwam en weer wegging. 36 Zo werden Lots beide dochters zwanger van hun vader. 

Maar in datzelfde boek Genesis staat ook een prachtige drankzegen:

26 Toen zei Isaak tegen Jakob: ‘Kom eens dichterbij, mijn zoon, en kus me.’ 27 Hij kwam dicht bij hem staan en kuste hem. Toen Isaak zijn kleren rook, sprak hij deze zegen over hem uit:

‘De geur van mijn zoon is de geur van het veld,

het veld dat de HEER heeft gezegend.

28 God geve je dauw uit de hemel

en vette, vruchtbare aarde,

een overvloed van koren en wijn.

De wijsheid zal wel weer iergens n het midden liggen.. Getuige het wijsheidsboek Sirach 31:

27 Wijn is leven voor een mens als je hem met mate drinkt.

Wat is het leven zonder wijn? Wijn werd al in het begin gegeven om vreugde te schenken. Als je hem op het juiste moment en met mate drinkt, geeft hij blijdschap en vreugde.

Juist! Dat vond ook Jezus. Hij at en dronk gelukkig wel. En het is ook nooooit goed:

Lucas 7 :  

33 Want Johannes de Doper is gekomen, hij eet geen brood en drinkt geen wijn, en jullie zeggen: “Hij is door een demon bezeten.” 34 De Mensenzoon is gekomen, hij eet en drinkt wel, en jullie zeggen: “Kijk, wat een veelvraat, wat een dronkaard, die vriend van tollenaars en zondaars.”

 Jezus had dus een naam. Dat kan heel goed ontstaan zijn vanwege het Kana – verhaal, dat vandaag op het internationale kerkelijke programma staat.

Het is een heel spiritueel verhaal. Ik ga het nu niet exegetiseren – dat doe ik volgende week in de Weestvest – half elf, en dan speelt Hjalmer orgel.

Ik ga nu ook echt niet uitleggen waarom het alleen maar lijkt, dat Jezus bits tegen zijn moeder doet. Dat is een cliffhanger die ik bewaar voor de volgende week..!

Johannes 2:1 Op de derde dag was er een bruiloft in Kana, in Galilea. De moeder van Jezus was er, 2 en ook Jezus en zijn leerlingen waren op de bruiloft uitgenodigd. 3 Toen de wijn bijna op was, zei de moeder van Jezus tegen hem: ‘Ze hebben geen wijn meer.’ 4 ‘Wat wilt u van me?’ zei Jezus. ‘Mijn tijd is nog niet gekomen.’ 5 Daarop sprak zijn moeder de bedienden aan: ‘Doe maar wat hij jullie zegt, wat het ook is.’ 6 Nu stonden daar voor het Joodse reinigingsritueel zes stenen watervaten, elk met een inhoud van twee à drie metrete. 7 Jezus zei tegen de bedienden: ‘Vul de vaten met water.’ Ze vulden ze tot de rand. 8 Toen zei hij: ‘Schep er nu wat uit, en breng dat naar de ceremoniemeester.’ Dat deden ze. 9 En toen de ceremoniemeester het water dat wijn geworden was, proefde – hij wist niet waar die vandaan kwam, maar de bedienden die het water geschept hadden wisten het wel – riep hij de bruidegom 10 en zei tegen hem: ‘Iedereen zet zijn gasten eerst de goede wijn voor en als ze dronken zijn de minder goede. Maar u hebt de beste wijn tot nu bewaard!’ 11 Dit heeft Jezus in Kana, in Galilea, gedaan als eerste wonderteken; hij toonde zo zijn grootheid en zijn leerlingen geloofden in hem.12 Daarna ging hij naar Kafarnaüm, met zijn moeder, zijn broers en zijn leerlingen, en daar bleven ze een paar dagen.

6000 liter wijn..!Daar zingen er een kerkelijk liedje over.

 Zingen: liedboek 525

Wij willen de bruiloftsgasten zijn van Kana in Galilea.

Wij drinken daar van de bruiloftswijn.

Wij willen van harte vrolijk zijn met Jezus en Maria.

Maria sprak in bekommerdheid: er is niet genoeg te drinken.

Maar Hij zei: nog is het niet mijn tijd.

Zij wist in haar hart: Hij is bereid, en zal het ons zeker schenken.

En toen de maaltijd ten einde liep, zag Hij naar de lege vaten,

en deed ze vullen door die Hij riep,

en scheppen wat Hij te drinken schiep. Zij proefden: wijn was het water.

Wij mogen met Jezus gezeten zijn te Kana tussen de gasten.

Een ander schenkt eerst de goede wijn

en drinkt de mindere op het eind.

Hier komt het beste het laatste.

Goed! Ik eindig met twee teksten. Eerst een uit de brief aan Timotheus:

Timotheus 5 : 23 Drink niet alleen maar water, doe er vanwege je zwakke maag en je andere kwalen wat wijn bij.

En als afsluiting uit het laatste boek van de Hebreeuwse Bijbel:

Makkabeeen 2 (slot) Hiermee ben ik aan het slot van mijn verhaal gekomen.38 Als het goed verteld en logisch geordend is, ben ik in mijn opzet geslaagd; als het resultaat zwak en middelmatig is, heb ik in elk geval mijn best gedaan. 39 Het is niet goed om onverdunde wijn te drinken, en hetzelfde geldt voor water waaraan niets is toegevoegd. Maar wijn met water aangelengd streelt de tong en geeft een gevoel van welbehagen, en zo streelt ook een goed gecomponeerd verhaal de oren van de lezer. Laat dit het einde zijn.

 

 

kriklogo

 

Ds. Ivo de Jong
Gedempte Zalmhaven 651
3011BT Rotterdam

telefoon: 010-8415105
mobiel: 06-53 455 966
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.